Is de steun van de gemeente Rotterdam voor Feyenoord City onrechtmatig?

21-05-2019

Tsjalle van der Burg, “Is de steun van de gemeente Rotterdam voor Feyenoord City onrechtmatig?”, Me Judice, 20 mei 2019.

Feyenoord probeert al jaren een nieuw stadion van de grond te krijgen. De clubleiding zegt dat dit veel geld kan opleveren, zodat men de supporters een beter elftal, meer successen en dus meer plezier kan bieden. Dit is het juiste motief. De meeste aandelen van de profclub zijn namelijk eigendom van de Stichting Continuïteit Feyenoord. Volgens Tsjalle van der Burg is deze stichting statutair verplicht ernaar te streven dat de supporters zoveel mogelijk plezier hebben, en dus moet ook de profclub dit nastreven. Hij bespreekt echter de vraag of clubbestuurders, ondanks hun goede woorden, andere belangen soms zwaarder laten wegen dan volgens de statuten mag. En als dat zo zou zijn, is dan de steun die de gemeente aan het huidige stadionplan wil geven wel rechtmatig?

De eerste stadionplannen

De wens van een nieuw stadion dateert al uit 2007, toen de profclub Feyenoord een nieuw bestuur kreeg.[1] Dat kwam al snel met een plan voor een stadion met 80.000 tot 100.000 plaatsen aan de Maas, waarin de finale van het WK 2018 gespeeld zou moeten worden. Dit plan strandde toen het WK naar Rusland ging. Het nieuwe bestuur wilde ook een beter elftal, mogelijk mede om draagvlak te creëren voor het nieuwe stadion. In juni 2007 kocht Feyenoord een handvol ervaren, dure spelers, in de hoop daarmee de Champions League te halen. Toen dit mislukte, leidden de aankopen tot een torenhoge schuld. Een faillissement kon in 2010 alleen voorkomen worden door 49 procent van de aandelen van de club te verkopen, terwijl daarna nog jaren bezuinigd moest worden. Kortom, in 2007 was wanbeleid gevoerd.[2] Het bestuur bleef echter zitten.

In 2013 kondigde Feyenoord een nieuw stadion van 63.000 plaatsen aan. Kosten: 365 miljoen euro, twee keer zoveel als de Amsterdam Arena. De reden om niet te kiezen voor renovatie van de door de supporters zo geliefde Kuip was volgens een rapport van club en stadion deze: “Na 75 jaar is echter het einde van de economische en technische levenscyclus van De Kuip in zicht.” Dat is onjuist. Volgens een rapport van TNO uit 2005, dat het bestuur van Feyenoord in 2013 vergeefs geheim probeerde te houden, was de technische levensduur van De Kuip niet gelimiteerd en kon de Kuip nog zeker 50 jaar mee en waarschijnlijk nog veel langer.

Critici stelden in 2013 dat het nieuwe stadion veel te duur was, geen extra geld voor het elftal genereerde, en waarschijnlijk zelfs failliet zou gaan. Dit terwijl de zonder openbare aanbesteding aangetrokken bouwer erg veel winst kon maken. Gelukkig hield de gemeenteraad de benodigde steun tegen. Hoe verstandig dit was, bleek nog eens in 2014, toen een door de club benoemde commissie van zwaargewichten concludeerde dat het nieuwe stadion de club de kop had kunnen kosten. Wanbeleid dus. Het bestuur bleef wederom zitten.

Renovatie

Wel volgde men het advies van de commissie om renovatie van De Kuip te onderzoeken (mogelijk eerst met wat tegenzin[3]). Dit leek in 2015 tot een mooi contract met bouwbedrijf BAM te leiden. BAM bood aan De Kuip voor 215 miljoen euro te moderniseren en uit te breiden naar 70.000 plaatsen. Daarbij zou het stadion volgens BAM weer meer dan 50 jaar meegaan, wat in lijn was met een TNO-rapport uit 2014. Het liep toch spaak, omdat Feyenoord niet meer wilde betalen dan 206 miljoen. Kortom: modernisering van De Kuip is stukgelopen op 9 miljoen.

Het huidige plan

Het huidige plan, dat deels onder de verantwoordelijkheid van nieuwe bestuurders valt, gaat uit van een nieuw stadion met 63.000 plaatsen en kosten van 461 miljoen. Gegeven het goedkopere alternatief van renovatie, gooit Feyenoord met dit nieuwbouwplan zo’n 250 miljoen euro over de balk.[4] Op lange termijn kan er dus 250 miljoen minder aan het elftal worden besteed. Dat is wanbeleid van een in het Europese voetbal ongekende omvang, betoogde ik eerder in Het Financieele Dagblad van 15 augustus 2018. Opvallend genoeg heeft Feyenoord de ongetwijfeld aanwezige mogelijkheid om deze kritiek gratis te weerleggen niet gebruikt, terwijl de club wel voor veel geld een lange advertorial in hetzelfde dagblad had geplaatst om financiers vertrouwen in het stadionplan te geven.

Nu Feyenoord niet heeft gereageerd, dien ik als wetenschapper de logische conclusie te trekken: óf alle bestuurders van de profclub Feyenoord en van de Stichting Continuïteit Feyenoord (die als meerderheidsaandeelhouder in wezen de baas is over de profclub) zijn incompetent, óf één of meer bestuurders verzaken bewust hun statutaire plicht om de supporters te dienen. Beide mogelijkheden lijken even (on)waarschijnlijk, en dus is de kans op elk ervan reëel. Hierbij rijst de vraag of één of meer bestuurders niet teveel oog hebben voor andere belangen dan die van de supporters. Dat zou onrechtmatig kunnen zijn.

Stadion Feijenoord N.V.

De verantwoordelijkheid voor de stadionplannen ligt niet alleen bij de profclub, maar ook bij Stadion Feijenoord N.V. Dit is een aparte organisatie, die weleens vergeten wordt maar wel degelijk belangrijk is. Stadion Feijenoord N.V. staat juridisch los van de profclub Feyenoord en de Stichting Continuïteit Feyenoord. Stadion Feijenoord N.V. is de eigenaar van De Kuip, en verhuurt die aan de profclub Feyenoord. Haar statutaire doel is “het in eigendom houden, beheren en exploiteren, alsmede het aan de eisen van de tijd aanpassen van het Stadion Feijenoord te Rotterdam”. De aandelen zijn eigendom van de amateurclub SC Feyenoord en vele kleine aandeelhouders. Het dividend bestaat uit tribuneplaatsen, vanwaar de aandeelhouders de thuisclub graag zien winnen.

De bestuurders van Stadion Feijenoord N.V. vertellen de aandeelhouders al jaren dat hun eigendom technisch niet lang meer mee kan. Dit vernomen hebbende, en (vermoedelijk) niet beseffende dat er sprake van onwaarheid is, heeft de meerderheid van de aandeelhouders toegestaan dat hun vennootschap het onderhoud van De Kuip heeft verwaarloosd en veel geld aan nieuwbouwplannen heeft besteed. Daarbij is hen verteld dat ze plaatsen in het nieuwe stadion krijgen, met uitzicht op een sterk elftal dat gekocht kan worden omdat het stadion winst oplevert. Dit laatste is onjuist, betoogde ik in Economisch-Statistische Berichten op 14 november 2018.

De conclusie is dat het stadionbestuur de aandeelhouders van het stadion zeer onjuist heeft geïnformeerd. Dit heeft bijgedragen aan hun instemming met beleid dat hun belangen hevig schaadt. Bij het bestuur van Stadion Feijenoord N.V. is dus óf sprake van incompetentie, óf van onrechtmatig handelen, óf van een combinatie van beide.

Spelersbudgetten

Dan de laatste ontwikkelingen. De profclub Feyenoord heeft in de herfst van 2018 als groot nieuws gebracht dat er een garantie komt dat het spelersbudget in het nieuwe stadion 25 miljoen euro bedraagt. In februari werd het onderliggende, beoogde contract met Goldman Sachs (in hoofdlijnen) openbaar. Hieruit blijkt dat die gegarandeerde 25 miljoen meteen ook het maximum is (los van inflatie).[5] Twee jaar geleden was het verhaal nog dat het spelersbudget dankzij het nieuwe stadion tot boven de 40 miljoen zou kunnen stijgen. Dat mooie vergezicht is nu verdwenen.

Bovendien stijgt het ‘gegarandeerde’ bedrag van 25 miljoen tot de opening van het stadion in 2024 niet met de inflatie mee. Als de inflatie 2,2% blijft, dan is het reële spelersbudget bij opening dus geen 25 miljoen maar 22 miljoen. Na 2024 wordt het bedrag in elk geval deels voor inflatie gecorrigeerd, maar volledige inflatiecorrectie is niet gegarandeerd. Het reële spelersbudget wordt daarom mogelijk nog (veel) lager dan 22 miljoen. Ter vergelijking: Ajax zat al voor de successen van dit jaar op een spelersbudget van ruim boven de 30 miljoen.[6]

In 2017 schreven de profclub Feyenoord en Stadion Feijenoord N.V. nog dat het doel van het stadion een hoger spelersbudget was. Dat moest in het eerste seizoen na de opening ”tenminste op het niveau liggen van de belangrijkste concurrenten” Ajax en PSV. Daarna moest het “verder kunnen groeien”. Met deze eisen leken de bestuurder de belangen van de supporters en de aandeelhouders van het stadion te dienen.[7] Nu de realiteit anders is, hebben de bestuurders hun eisen echter laten vallen. Maar wat is dan wel hun doel?

Rol gemeente

De gemeente heeft onder voorwaarden toegezegd het plan met 100 miljoen te steunen. Maar uit het voorgaande blijkt dat er een reële kans bestaat dat het plan van de profclub en het stadion onrechtmatig is. Dat betekent dat de gemeente het niet mág steunen. Een overheid mag gewoon niet het risico lopen onrechtmatig gedrag te bevorderen.

Natuurlijk, zoals gezegd is het ook mogelijk dat er geen sprake is van onrechtmatig gedrag, maar alleen van wanbeleid. Maar ook wanbeleid kan beter niet gesteund worden. Kortom: de gemeentesteun dient te worden ingetrokken.[8]

Slot

Wanneer de gemeente de steun intrekt, zal het stadionplan onvermijdelijk stranden. Alle bestuurders van de profclub Feyenoord, de Stichting Continuïteit Feyenoord en Stadion Feijenoord N.V. zullen dan toch moeten aftreden. Club en stadion kunnen de ex-bestuurders vervolgens een passende schadevergoeding vragen. Dit lijkt moreel juist, en is wellicht ook juridisch afdwingbaar. De schade loopt namelijk in de tientallen miljoenen, of wellicht meer.[9]

Deze schadevergoeding zou dan gebruikt kunnen worden voor de renovatie van dat prachtige, sfeervolle oude stadion, dat het nog steeds in zich heeft om Feyenoord weer groot te maken. En ook als er geen schadevergoeding komt, blijft de conclusie helder: als de gemeente juist handelt, zal De Kuip als trotse overwinnaar uit de strijd tevoorschijn komen. Leve De Kuip, en leve de wet.

Voetnoten
[1] Dit artikel is, voor zover het gaat om de ontwikkelingen tot vorig jaar zomer, gebaseerd op mijn rapport ‘Het Maasstadion van Feyenoord’, dat op 18 juni 2018 door de supportersvereniging van Feyenoord is gepubliceerd.

[2] De problemen van 2010 waren niet de erfenis van het bestuur dat eind 2006 vertrok en de club met een zeer hoge schuld achterliet, zoals wel is gesuggereerd. Feyenoord had eind 2006 namelijk niet alleen een zeer hoge schuld, maar ook een uitstekende jeugdopleiding en beloftevolle spelers die volledig eigendom waren van de club, en die later veel geld opbrachten. Zo verkocht het nieuwe bestuur in het voorjaar van 2007 25% van de transferrechten van een aantal talenten (zoals Wijnaldum) voor vele miljoenen. Onder meer hierdoor werd de schuld dat voorjaar al tot redelijke proporties teruggebracht. Het enige echte probleem was dat de club daarmee nog niet zo rijk was dat men zich kon veroorloven om in de zomer veel geld uit te geven aan nieuwe spelers, wat het nieuwe bestuur echter wel deed. Zie voor meer bijzonderheden het rapport uit de vorige noot .

[3] Tegenzin was er in elk geval bij Dick van Well, die tussen 2007 en 2015 voorzitter dan de Raad van Commissarissen van de profclub was (en thans bestuurslid is van de Stichting Continuïteit Feyenoord). Van Well zei op 21 maart 2015 in NRC-Handelsblad (na gesuggereerd te hebben dat het nieuwbouwplan van 2013 een goed plan was, en zo afstand te hebben genomen van de conclusies van de mede door hemzelf benoemde commissie van zwaargewichten), het volgende: “Het hele verkennerstraject dat daarop volgde voor renovatie, ja hallo, dat is mij ook gewoon overkomen. Dat is mij opgedrongen.” Daarbij verwoordde hij zijn negatieve houding ten opzichte van renovatie als volgt. “Ik constateer één ding: aan dit stadion zitten grenzen. Ik herken me wel in de uitspraak: als je een oud huis verbouwt, heb je nog altijd een verbouwd oud huis.” (zie dit artikel in NRC). Dit gaat lijnrecht in tegen de opvatting van TNO, BAM, en de architecten en constructeurs van de stichting ReddeKuip (zie het vervolg van de hoofdtekst en het rapport uit noot 1). Feyenoord heeft nooit precies uitgelegd waarom men de mening van deze experts niet deelt. Er is, voor zover ik weet, ook geen enkele journalist geweest die de club over precies dit cruciale, technische verschil van mening een kritische vraag heeft gesteld (en over het antwoord heeft bericht). En helaas, als hoge sportbestuurders iets maar vaak genoeg in de media als waarheid mogen presenteren, zonder te worden tegengesproken, dan wordt zoiets al snel ook als de waarheid gezien. Overigens staat de visie van Van Well haaks op die van de vele clubs die wel voor renovatie (en uitbreiding) van grote, oude stadions hebben gekozen, zoals Barcelona, Real Madrid, Liverpool en Manchester United.

[4] Renovatie kan wat betreft zaalruimte, skyboxen, roltrappen en andere voorzieningen hetzelfde bieden als nieuwbouw. In 2015 voldeed BAM met haar aanbod aan alle eisen die Feyenoord aan het stadion stelde.

[5] Zie hiervoor de recente business case die is gemaakt door Feyenoord (City).

[6] De belangrijkste adviseur van Feyenoord, Hypercube, schatte in 2017 het spelersbudget van Ajax en PSV in de jaren na 2023 op 30 miljoen, en stelde op basis daarvan dat het spelersbudget van Feyenoord in het nieuwe stadion niet onder de 25 miljoen mocht komen teneinde niet te ver bij Ajax en PSV achter te blijven. Anders zouden er te weinig toeschouwers komen, en zou een faillissement van het stadion dreigen. Ongetwijfeld ging Hypercube daarbij uit van voor inflatie gecorrigeerde prijzen. Men mag aannemen dat Hypercube, als het de discussie volgt, nu meer dan vroeger voor een faillissement vreest. Echter, Feyenoord baseert zich tegenwoordig op een andere adviseur, het door Goldman Sachs ingehuurde onderzoeksbureau ISG. Dat zegt op basis van geheim onderzoek dat het stadion rente en aflossing kan betalen zolang Feyenoord maar bij de beste drie van Nederland hoort. Zie voor deze zaken dit ESB artikel.

[7] Deze aandeelhouders willen ook een goed elftal, want zonder dat zijn hun tribuneplaatsen weinig waard. De meeste aandeelhouders zijn bovendien redelijk fanatieke supporters van Feyenoord.

[8] Overigens komt daarmee dan ook een eind aan het slechte beleid van het gemeentebestuur zelf. Dit bestuur wilde in 2015 slechts 35 miljoen bijdragen aan de renovatie van de monumentale Kuip, terwijl men nu 100 miljoen steun aan een nieuw stadion wil geven, en in 2013 zelfs 195 miljoen. Als er verschillende alternatieven zijn om hetzelfde doel te bereiken, kan men het beste alle alternatieven evenveel subsidie geven om te bevorderen dat het beste wint. De gemeente lijkt efficiency echter onbelangrijk te vinden. Dat getuigt van weinig respect voor de economische wetenschap. En dan laten we de vraag of renovatie niet wat extra subsidie verdient vanwege de duurzaamheid of de schoonheid maar buiten beschouwing. Bij dit alles is de bijdrage van de gemeente voor de infrastructuur rondom het stadion buiten beschouwing gelaten. Hierdoor wordt de vergelijking tussen de drie plannen eenvoudiger. Overigens zullen bij renovatie de kosten van dergelijke infrastructuur waarschijnlijk het laagst zijn, want hier blijft de locatie dezelfde.

[9] Club en stadion zijn veel geld kwijtgeraakt aan de plannen. Zo leenden ze vorig jaar 17,5 miljoen van Goldman Sachs om het huidige plan uit te werken. Daarnaast heeft het verkeerd inzetten van geld en tijd jarenlang zijn weerslag gehad op het elftal, en dus op het plezier en geluk van de meer dan een miljoen supporters van Feyenoord. Als men ook deze schade in geld zou uitdrukken, komt men wellicht ver boven de 100 miljoen.